Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Facebook

Essentiële trombocytemie

Versie:
1.1
Publicatiedatum:
26 sep 2017
Auteur(s):
Sonja Zweegman, Mariëlle Wondergem

Kliniek Sfeer-2676

Initieel onderzoek

Lichamelijk onderzoek

  • Vastleggen van lever- en miltgrootte
  • Cardiovasculair onderzoek voor risicoprofiel

Laboratoriumonderzoek

  • Hemogram, reticulocyten, kreatinine, leverenzymen, LDH, urinezuur, ferritine
  • Glucose en cholesterol
  • Bij verhoogde bloedingsneiging en thrombocyten > 1000 x 109/l: verricht thrombocytenaggregatieonderzoek en sluit verworven von Willebrand type II uit middels bepaling van von Willebrand activiteit en antigeen en zo nodig multimeren onderzoek
  • JAK-2 V617F mutatie, indien niet aantoonbaar: Calreticuline mutatie, indien beiden negatief MPL W515K/L mutatie

Diagnostische criteria

WHO criteria 2008

  1. thrombocyten ≥ 450 x 109/l.
  2. proliferatie van met name de megakarytocytaire reeks met toegenomen aantal grote, mature megakaryocyten, zonder significante toename of links-verschuiving van de myeloïde en erythroïde reeks.
  3. geen criteria voor polycythemia vera, primaire myelofibrose, chronische myeloïde leukemie (afwezigheid van translocatie (9;22) of BCR-ABL fusiegen), myelodisplasie of andere myeloïde maligniteit.
  4. JAK-2 V617F of Calreticuline mutatie of andere clonale marker (bijvoorbeeld MPL W515L/K) of bij afwezigheid van een clonale marker uitsluiten van reactieve thrombocytose (zoals: ijzergebrek, splenectomie, recente operatie, infectie, bindweefselaandoening, gemetastaseerde maligniteit of lymfoproliferatieve ziekte).

Risicoprofiel

laag risico

  • leeftijd < 60 jaar én
  • geen thrombotische complicaties in voorgeschiedenis én
  • thrombocyten < 1500 x 109/l én
  • geen cardiovasculaire risicofactoren

intermediair risico

  • geen laag of hoog risico 

hoog risico

  • leeftijd ³ 60 jaar óf
  • thrombotische verschijnselen in voorgeschiedenis

Therapie, specifiek

(Voor een overzicht van alle behandelingen met links naar studies en studie documentatie, klik hier)

laag risico

  • Ascal 1 dd 100 mg

intermediair risico

  • cytoreductie optioneel: overwegen bij thrombocyten > 1000 x 109/l en additieve

        cardiovasculaire risicofactoren

  • Ascal 1 dd 100 mg

hoog risico

  • cytoreductieve therapie (zie onder)
  • Ascal 1 dd 100 mg

Cytoreductieve therapie

interferon s.c.

Gepegyleerd interferon.

Aanvangsdosering gepegyleerd interferon-alpha 2a (Pegasys®): 90 microgram/week s.c., gepegyleerd Interferon alpha- 2b (PEG-Intron®): 50 microgram/week s.c.

Dosis aanpassen op geleide van het trombocytenaantal. Streven naar normalisatie.

hydroxycarbamide

Starten in een dosering van 2 dd 500 –  1000 mg.

Dosis aanpassen op geleide trombocytenaantal. Streven naar normalisatie.

anagrelide

Indien alleen het trombocytenaantal verhoogd is, kan anagrelide overwogen worden (of in combinatie met bovengenoemde cytoreductieve middelen).

Aanvangsdosering: 2 dd 0.5 mg. Maximale dosis 10 mg/dag, maximale dosis per gift 2 mg.

Dosis aanpassen op geleide van het trombocytenaantal. Streven naar normalisatie.

32 P

Bij ouderen met een levensverwachting < 10 jaar, cave leukemogeniciteit: 32 P 3 m Ci i.v., zonodig na 3 maanden herhalen.

Busulfan

Overwegen indien therapie-refractair / onacceptabele bijwerkingen van andere cytoreductieve therapie én behandelindicatie én beperkte levensverwachting (cave leukemogeniciteit).

Startdosering: 2 mg per dag (cave langdurige pancytopenie).

bij zwangerschap

Behandeling en tromboseprofylaxe afhankelijk van risico.

Definitie normaal risico

  • geen hoog risico

Definitie hoog risico

  • trombose of bloeding in het verleden, ernstige complicaties tijdens voorgaande zwangerschap (≥ 3 spontane abortus binnen eerste trimester of ≥ spontane abortus in tweede of derde trimester, Intra-uteriene sterfte, preeclampsie 1000 x 109/l, abnormale flow in de uteriene arteriën op 20/24 weken.

Therapie bij normaal risico

  • Streef naar Ht < 0.40 en trombocyten < 1000 x 109/l (middels aderlatingen en/of

        niet-gepegyleerde interferon-alfa 2a of 2b).

  • Aspirine 100 mg/dag.
  • Profylactische dosering LMWH in het kraambed.

Therapie bij hoog risico risico

  • Streef naar Ht < 0.40 en trombocyten < 450 x 109/l (middels aderlatingen en/of

        niet-gepegyleerde interferon-alfa 2a of 2b).

  • Aspirine 100 mg/dag.
  • Profylactische dosering LMWH gedurende gehele zwangerschap en kraambed, indien reeds

        behandeld met orale antistollingstherapie voor de zwangerschap therapeutisch

        dosering LMWH.

Referenties

  1. Beer PA, Green AR. Pathogenesis and management of essential thrombocythemia. Hematology Am Soc Hematol Educ Program. 2009: 621-8.

     

  2. Tefferi A, Thiele J, Orazi A, Kvasnicka HM, Barbui T, Hanson CA, Barosi G, Verstovsek S, Birgegard G, Mesa R, Reilly JT, Gisslinger H, Vannucchi AM, Cervantes F, Finazzi G, Hoffman R, Gilliland DG, Bloomfield CD, Vardiman JW. Proposals and rationale for revision of the World Health Organization diagnostic criteria for polycythemia vera, essential thrombocythemia, and primary myelofibrosis: recommendations from an ad hoc international expert panel. 2007;110(4):1092-7.

     

  3. Cortelazzo S, Viero P, Finazzi G, D’Emilio A, Rodeghiero F, Barbui T. Incidence and risk factors for thrombotic complications in a historical cohort of 100 patients with essential thrombocythemia. J Clin Oncol 1990; 8(3):556-62.

     

  4. Tefferi A. Risk-based management in essential thrombocythemia. ASH Education Program Book. Hematology 1999:172.

     

  5. Cortelazzo S, Finazzi G, Ruggeri M, Vestri O, Galli M, Rodeghiero F, Barbui T. Hydroxyurea for patients with essential thrombocythemia and a high risk of thrombosis. N Engl J Med 1995; 332(17): 1132-6.

     

  6. Harrison CN, Campbell PJ, Buck G, Wheatley K, East CL, Bareford D, Wilkins BS, van der Walt JD, Reilly JT, Grigg AP, Revell P, Woodcock BE, Green AR. Hydroxyurea compared with anagrelide in high-risk essential thrombocythemia. N Engl J Med 2005; 353(1): 33-45.

     

  7. Samuelsson J, Hasselbalch H, Bruserud O, Temerinac S, Brandberg Y, Merup M, Linder O, Bjorkholm M, Pahl HL, Birgegard G. Cancer.A phase II trial of pegylated interferon alpha-2b therapy for polycythemia vera and essential thrombocythemia: feasibility, clinical and biologic effects, and impact on quality of life. 2006; 106(11): 2397-405.

     

  8. Quintas-Cardama A, Kantarjian H, Manshouri T, Luthra R, Estrov Z, Pierce S, Richie MA, Borthakur G, Konopleva M, Cortes J, Verstovsek S. Pegylated interferon alfa-2a yields high rates of hematologic and molecular response in patients with advanced essential thrombocythemia and polycythemia vera. J Clin Oncol. 2009; 27(32): 5418-24.

     

  9. Fruchtman SM, Petitt RM, Gilbert HS, Fiddler G, Lyne A; Anagrelide Study Group. Anagrelide: analysis of long-term efficacy, safety and leukemogenic potential in myeloproliferative disorders.

     

  10. Expert opinion.Leuk Res. 2005; 29(5):481-91.

     

  11. Murphy S, Peterson P, Iland H, Laszlo J. Experience of the Polycythemia Vera Study Group with essential thrombocythemia: a final report on diagnostic criteria, survival, and leukemic transition by treatment. Semin Hematol 1997 34(1):29-39.

     

  12. Tefferi A, Passamonti F. Essential thrombocythemia and pregnancy: Observations from recent studies and management recommendations. Am J Hematol. 2009; 84(10): 629-30.

     

  13. Harrison C. Pregnancy and its management in the Philadelphia negative myeloproliferative diseases. Br J Haematol 2005; 129(3):293-306.